Return to site

De 5 redenen waarom gemeenten asbestdaken inventariseren

Readaar heeft inmiddels voor 13 gemeenten asbestdaken in kaart gebracht. Gemeenten die nog twijfelen stellen ons regelmatig de vraag: “Wat kunnen we ermee?”, ook is men erg nieuwsgierig naar wat andere gemeenten met de data hebben gedaan. In deze blog behandelen we de 5 meest voorkomende toepassingen van data over asbestdaken.

1. Waar staan we?

De nummer 1 reden om een inventarisatie te laten uitvoeren, is omdat men wil weten waar de gemeente staat; Hoe groot is het probleem van asbestdaken in onze gemeente? Vaak worden deze vragen gesteld door de raad of het college en de recente aflevering van Kassa is een extra impuls geweest. De vier belangrijkste vragen zijn:

  1. Hoeveel panden binnen de gemeente zijn verdacht?
  2. Hoeveel vierkante meter asbestverdacht dak ligt er?
  3. Waar ligt het?
  4. Wat voor type panden/eigenaren zijn het?

Een inventarisatie op basis van luchtfoto’s in combinatie met andere databronnen geeft antwoord op al deze vragen.

2. Eigenaren asbestdaken informeren over het verbod

Als er eenmaal data beschikbaar is, is de meest laagdrempelige maatregel het informeren van de eigenaren van de verdachte daken. Hiervoor horen we vaak twee redenen.

  1. Zorgplicht. Eigenaren zijn in principe zelf verantwoordelijk om hun asbestdak voor 2024 te vervangen, maar gemeenten voelen zich verantwoordelijk om ze hierover te informeren. In sommige gevallen wordt hier ook meer juridisch naar gekeken; als vorm van dossieropbouw. Indien de gemeente in 2024 gaat handhaven, dan staat deze niet sterk als er nooit geïnformeerd is.
  2. Preventie van illegale saneringen. De gedachte is als volgt: Als een eigenaar van een asbestdak weet dat dit bij de gemeente bekend is, dan zou hij mogelijk minder snel tot illegale sanering overgaan. We formuleren het voorzichtig, omdat hier geen bewijs voor is. Het beleid omtrent de milieustraat (wel of niet gratis asbest inleveren) is daarin ook zeker relevant.  

Voordat een brief verstuurd kan worden, moet eerst een adres bekend zijn. Veel panden hebben geen adres, denk aan schuren op een agrarisch erf of carports. Readaar heeft een methode ontwikkeld om voor dergelijke panden toch een adres te kunnen bepalen. Als de adressen bekend zijn, adviseert Readaar om verschillende brieven aan verschillende doelgroepen te versturen. De belangrijkste doelgroepen zijn:

  1. Eigenaren van daken kleiner dan 35m2. Zij mogen het dak zelf verwijderen, waarbij het meestal niet nodig is om een gespecialiseerde asbestsaneerder in te schakelen. Wij adviseren in een brief naar deze eigenaren minimaal te verwijzen naar de voorlichtingsfilm van Milieu Centraal en te wijzen op de mogelijkheid om het asbest gratis af te leveren bij de milieustraat (indien van toepassing).
  2. Eigenaren van daken groter dan 35m2. Dit is maatwerk, afhankelijk van het beleid van de gemeenten. Sommige gemeenten kiezen er bijvoorbeeld voor deze brieven verder uit te splitsen naar meer doelgroepen.

De data van Readaar voorziet erin om dergelijke verzendlijsten gemakkelijk aan te kunnen maken.

PS: Readaar detecteert asbestverdachte daken. Een klein gedeelte van deze daken zal in de praktijk toch geen asbest bevatten, bijvoorbeeld omdat het type dakbedekking erg lijkt op een type dakbedekking waar meestal wel asbest in is verwerkt. Het is dus zaak dit juist te verwoorden, zodat mensen niet onnodig schrik wordt aangejaagd.

3. Plan van aanpak/beleid vaststellen

Een aantal gemeenten gaat verder dan alleen informeren. Zij willen een actievere rol spelen, bijvoorbeeld door het geven van technisch, fiscaal en subsidieadvies.

De input voor een effectief plan van aanpak is de data over hoeveelheden en doelgroepen. Vaak zien we dat een kleine groep eigenaren meer dan 50% van het verdachte dakoppervlak in bezit heeft. Het is dan haalbaar en zelfs aan te bevelen om deze groep persoonlijk te benaderen, bijvoorbeeld via keukentafelgesprekken. Naast persoonlijk benaderen zijn andere concrete maatregelen bij ons bekend, zoals:

  1. Asbesttrein Regio Achterhoek
  2. Asbestlening gemeente Lelystad
  3. Agro Asbestveilig
  4. Collectieve asbestsanering ZLTO
  5. Procesondersteuning op eigenaar of wijkniveau

4. Vaststellen budgetten

Handhaving van het asbestverbod is de verantwoordelijkheid van de gemeente, die ervoor kan kiezen om dit uit te besteden aan de omgevingsdienst. Waar de verantwoordelijkheid ook ligt, uiteindelijk is het goed om te weten hoe groot de handhavingsopgave is, zodat hier in de budgetten rekening mee gehouden kan worden.

Het stimuleren van eigenaren om hun dak te saneren is formeel geen taak van gemeenten. Toch kiezen diverse gemeenten ervoor om hier toch een actievere rol in de spelen. Ook hierbij is het goed om vooraf te weten hoeveel budget gereserveerd dient te worden. Een keukentafelgesprek met een eigenaar kost geld, het is goed om te weten of er 50 of 500 van dergelijke gesprekken nodig zijn.

5. Monitoren voortgang

Nadat er inzicht is in de opgave ontstaat direct de vraag: Liggen we op koers naar 2024? Deze vraag is relatief eenvoudig te beantwoorden met de volgende formule:

2016 + (totale opgave in m2 / m2 gesaneerd in 2016)  =  geplande einddatum.

De totale opgave is bekend nadat een inventarisatie is uitgevoerd. De vraag hoeveel vierkante meters in een bepaald jaar zijn gesaneerd blijkt in de praktijk lastiger te beantwoorden.

Om het gesaneerde dakoppervlak te bepalen worden vaak eerst de sloopmeldingen gebruikt. Helaas geeft dit een aantal uitdagingen. Ten eerste is de omschrijving van een sloopmelding regelmatig niet eenduidig. Een omschrijving: “dakplaten verwijderd”, kan wijzen op golfplaten maar ook op verwijderen van het dakbeschot. Daardoor weten we niet zeker of de asbesthoudende golfplaten nu wel of niet nog op het dak liggen. Een tweede probleem is dat op een agrarisch erf vaak meerdere schuren staan. Uit de omschrijving blijkt dan niet welke schuur het betreft. Een derde probleem is dat de metrages zo goed als altijd ontbreken in de omschrijving. Het is dan onduidelijk of er 70m2 of 700m2 is verwijderd. Ten slotte worden sommige sloopmeldingen in de praktijk niet uitgevoerd, het dak ligt er dan nog. Uiteraard kan een deel van de bovengenoemde hiaten worden aangevuld door de lokale kennis van handhavers, maar het moge duidelijk zijn dat dit nooit volledige informatie geeft.

Een alternatief is door luchtfoto’s van verschillende jaargangen met elkaar te vergelijken. Zo kan exact worden vastgesteld welke daken verwijderd zijn, onafhankelijk van de sloopmeldingen. Dit heeft twee voordelen:

  1. Gerichte handhaving: Als er wel een mutatie is geconstateerd, maar geen sloopmelding bekend is, dan is dat aanleiding voor nader onderzoek; er is mogelijk sprake van een illegale sanering.
  2. Actuele data: De sloopmeldingen kunnen gekoppeld worden aan een pand, waardoor het metrage bekend is en het betreffende pand uit de lijst met verdachte panden kan worden gehaald.

Wilt u meer weten over onze aanpak? Kijk dan op asbest.readaar.com.

All Posts
×

Almost done…

We just sent you an email. Please click the link in the email to confirm your subscription!

OKSubscriptions powered by Strikingly